beslab’beren, beslab’ben,
(beslabberde, beslabde, heeft beslabberd, beslabd), bemorsen bij het eten van dunne spijzen; –hij zal zich daaraan niet beslabben (beslabberen), hij krijgt er niets van;-hij zou zich beslabberen, al at hij noten, hij is zeer onhandig.
Auteur: Jasmien O
Don’t stop
Don’t stop trying,
there’s always reason to go on living
as long as you can breathe
stay clear of extremes
just say what you mean
but try not to be mean
You should say thank you often, like your hair
wave to strangers everywhere
do what your supposed to do
don’t look at what the others do
Think before you buy a car don’t marry someone
you met at a bar
there’s no such thing as going too far
love who you are
Don’t be scared of what’s ahead
but wear the helmet to protect your head
be aware, say you care, don’t say fair…
Stay close to the hand that raised you
watch for signs
never waste expensive wine
spoil your body, spoil yourself
never cheat and share your wealth
Sing when you’re glad
close the door if you sound bad
don’t believe a man who knows he’s right
don’t skip ahead, enjoy your flight
Be nice to your dog, drive slow in the fog
convince yourself to write a song
change clothes everyday
call ahead when you’re late
be safe when you’re planning to get laid
Read what you like
be on your brother’s side
it’s okay to wonder why
but don’t expect to understand your life
Don’t expect to understand your life …
– Sarah Bettens
Ik sta geregistreerd. Geboorte, plaats, tijd.
Ik sta voor zowat één kilo papier:
geboorteakte militie, verhuizen van daar naar hier,
politieke sympathieën, vakbondsaangehorigheid.
Daarom ben ik op zoek naar een plek op de
grens van drie naties.
Daar wil ik dan sterven.
Want ik wil met mijn dood op z’n minst het
plezier bederven
van een stuk of twintig administraties.
– Herman De Coninck
Uit: Met een klank van hobo
– Bart Moeyaert
Er was eens een man
die altijd rechtvaardig was.
– Herman De Coninck
18 juni
D
je,
Brief geschreven,
met bloedende
Zit in hut,
doorgelekt verband.
Geen pijn hoor.
Ik weet nu hoe ik bij je
komen.
Is dus wel vindbaar
een weg.
Wist jij wel.
Mijn mond niet gewond,
kan kussen.
Mijn ziel evenmin
op een klein barstje na.
Onge
hoe heet dat
ongebroken denk ik
Word niet wakker
inmiddels
slaap met gerust hart
ik besta
geloof dat maar
dát
P.
– Toon Tellegen
Hoe heet het hier
Niet dat ik weet
waar alles ligt,
maar ik vermoed
wel hoe, en goed.
Hier ging het
als met het roofje
op mijn wonden:
veel heeft vanzelf
zijn plek gevonden.
Heel soms nog
zijn mijn sleutels
kwijt, dan gaat
het bij de deur
een tijdje mis.
Maar Colombus
heeft zich ook
een keer vergist,
dus dat is wat ik
leer: waar doet er
minder toe dan hoe.
– Bart Moeyaert
Vandaag las ik in de krant over een opvallend kunst-project.
“3 ways to master a kiss or a twentyfiveminutes kiss at your neck neemt ‘de kus’ als uitgangspunt en zoekt zo de grenzen van intimiteit op. Het project 3 ways to master a kiss or a twentyfiveminutes kiss at your neck is tweeledig en bestaat uit een choreografie met 8 dansers en een video-installatie waarvoor aan 102 vrijwilligere kussers (in Mechelen en Amsterdam) gevraagd werd een onbekende jongedame te kussen.”
Op volgende link kunt u het filmpje bekijken:
http://www.vimeo.com/9834880
Meer informatie omtrent het project te Mechelen vindt u op volgende site:
http://www.nona.be
Speciaal kunstwerk dat uitnodigt tot nadenken. Zeker de moeite waard om eens (even) te bekijken.
– Ed Franck
Verliefd
En mijn hoofd niet naar studeren,
Maar ik voel echt niks bijzonders,
‘t Zou natuurlijk ook nog kunnen
Met mama op de bedrand
wordt de kamer lekker warm.
Ik mag nog even liggen
in de holte van haar arm.
Ze leest me een verhaaltje
over dromen uit een land
waar alle mensen wonen
in een nachtblauw ledikant.
Het einde – moet ik zeggen,
heb ik nog nooit gehoord.
Maar zacht – dat weet ik zeker,
is vast het laatste woord.
– Bart Moeyaert
Men herkent ze van ver en van vroeger: altijd in rep en roer,
Altijd dat vertrouwde rumoer. Of wij het niet te koud hebben
misschien, dat onze jas wat hoger moet geknoopt, dat wij
die slechte vrienden beter kunnen mijden. Et cetera,
et cetera. Zij zijn van overdosissen voorzichtigheid vervuld,
van levenslang et cetera, stupide stuwingen in buik en boezem.
Fluorescente details, eeuwenoud van eenvoud: spermavlekken die zij
stil, met dromerige ogen uit de lakens van hun zonen wassen,
meisjes die zij halsoverkop uit de vrouwen moeten wissen
die zij tussentijds geworden zijn. Het kan in goede moeders
allemachtig sneeuwen, voornamelijk wanneer geen mens
het al verwacht, begin november, zodra de doden victorie kraaien.
Zij geven kleuters sjaals en wollen wanten mee. Bananen.
Iets dappers tegen tranen. En van hun eigen moeders die hun meer
en meer ontglippen, worden zij de laatste moeders. Tot zij
de handen wantrouwen die hen niet langer vasthouden kunnen.
November wordt het niet, november valt. Als avond.
Lucht verplaatst zijn diepste rood in bladeren van beuk en eik.
En wegens alles wat zij niet meer kunnen houden, houdt hij op:
hun wereld vol et cetera, et cetera en totterdood.
– Luuk Gruwez
Herman De Coninck prijs voor het beste gedicht 2009