
Eerst komt het wachten, het verheugen,
leunend tegen lage muurtjes,
dan komt het voorgevoel van
hoe-nu-verder
daarna het hoe-nu-verder
zelf
– Judith Herzberg

Eerst komt het wachten, het verheugen,
leunend tegen lage muurtjes,
dan komt het voorgevoel van
hoe-nu-verder
daarna het hoe-nu-verder
zelf
– Judith Herzberg

Als je een poosje in Londen bent, ga je op
een dag vast en zeker naar de dierentuin.
Nou héb je mensen die helemaal bij het begin
beginnen; bij wat ze ‘INGANG’ noemen,
stappen ze naar binnen en ze lopen zo vlug
ze maar kunnen langs alle hokken, tot ze
uitkomen bij wat ‘UITGANG’ heet. Maar
alle aardige mensen lopen regelrecht naar
hun lievelingsdier en daar blijven ze.
– A. A. Milne
Uit: Winnie De Poeh

‘Vannacht heeft het een beetje geregend en nu drijven er wolken langs de hemel voorbij, af en toe vallen er wat druppels. Ik sta onder de haast uitgebloeide appelboom, ik adem. Niet alleen de appelboom, maar ook het gras en de kruiden rondom zijn door de regen opgefrist, en er bestaat geen naam voor de zoete geur die de lucht dronken voert. Ik zuig mijn longen ermee vol, bespeur het aroma met mijn hele borstkas, ik adem, adem, nu eens met open, dan weer met gesloten ogen, ik weet niet wat fijner is. Zo adem te halen, op deze plaats adem te halen, dat is wellicht de enige, maar kostbaarste vrijheid waarvan de gevangenis ons berooft.
Zolang je na de regen nog adem mag halen onder een appelboom, zolang is het leven nog de moeite waard.’
– Aleksander Solzjenitsyn, uit: De goelag archipel

Deels vluchtig
neergelaten scheef halfopen
glurend tussen repen licht, dan
een trap ergens naar boven, naar
nergens terecht, dan weer
desondanks iets plotsklaps
een takkig gerucht, een spat
die een plons zich herinnert
morsig precies
lekt
het onvoorziene
uit een verdieping
in het bedachte
hoger
– Roland Joris
Zoals vandaag gespot op een muur aan De Muur, Geraardsbergen.
Je trace des chemins qui n’attendent que toi
À toi l’enfant qui vient, je précède tes pas
Je murmure ton nom dans le souffle de ma voix
Je t’offrirai le monde, toi que je ne connais pas
Je t’ouvre grand mon cœur comme on ouvre ses mains
Je t’espère des bonheurs aussi grands que les miens
Demain c’est toi
J’apprends les alphabets de chacun de tes gestes
Je te chante mes rêves d’espaces et de Far West
Je veux pour toi l’amour, le rare et le précieux
Toute la beauté du monde à portée de tes yeux
Les poings chauffés à blanc, je forge pour demain
Tes bonheurs que je souhaite aussi grands que les miens
Demain c’est toi
Je te donne les clés qui ouvrent tous les coffres
Je pulvérise les murs des prisons que l’on t’offre
Je cours à l’infini pour ne pas te laisser
Tout c’que je n’t’ai pas dit c’est parce que tu le sais
C’est parce que tu le sais
À toi l’enfant qui vient comme un petit matin
Je t’espère des bonheurs aussi grands que les miens
Demain c’est toi

Naar aanleiding van onze productie dit weekend.
“The only people for me are the mad ones, the ones who are mad to live, mad to talk, mad to be saved, desirous of everything at the same time, the ones who never yawn or say commonplace things, but burn, burn like fabulous yellow Roman candles exploding like spiders across the stars.”
– Jack Kerouac, uit On The Road

Do you think there is the possibility of you and I? In
this lifetime, is that too much to hope for? There is
something so delicate about this time, so fragile. And if
nothing ever comes of it, at least I have known this
feeling, this wonderful sense of optimism. It is something
I can always keep close to me – to draw from in my
darkest hour like a ray of unspent sunshine. No matter
what happens next, I will always be glad to know there is
someone like you in the world.
– Lang Leav


Kleine successen, zoals net voor je wekker wakker worden, de bus nipt halen, op tijd in je bed sukkelen of gewoon door de dag heen raken. De eerste bloemen van de lente. Rijden met de ramen van de auto wagenwijd open. Eens heel goed huilen. De zachte huid en lach van een baby. Dutjes. Iemand die je vertelt dat hij aan je denkt. Lijstjes maken. Verjaardagstaart en het geluid van een typemachine. Even tijd voor jezelf, alleen. Cactussen, want die gaan zelden dood. Het gevoel van de wind in je haar. Lange strandwandelingen. Goed gezelschap en te lange knuffels. Een harde regenbui of onweer in de zomer, na een lange periode van droogte, en de geur daarvan. Samen muziek maken. Je huis kuisen op een warme zomerdag met alle ramen open. Kinderen die wijze dingen zeggen voor hun leeftijd. Een blik van verstandhouding. Iemand die lekker ruikt.
De lege pagina’s van een nieuw notitieboek. Verse lakens op je bed. Luid meezingen met je lievelingsliedjes. Brunchen, thuis of in de stad. Een boeket verse bloemen. Mensen die echt luisteren en je begrijpen. Boeken die je helemaal meenemen naar een andere wereld. In een flow zitten. Rustige treinritten. De eerste koffie ’s ochtends. De manier waarop een vrouw haar haren samen bindt. Pasta. Boekenwinkels en lange telefoongesprekken. Op bed liggen in je ondergoed na een douche. Woorden. Zo hard lachen dat je buik pijn doet. De eerste zon na een lange winter. Sneeuw, om in te spelen. Leuke sokken en afgewerkte to do lijstjes. Kaartlezen. Adembenemende uitzichten en wijdse bossen. Liedjes die je al lang niet meer hoorde en die je terug katapulteren in de tijd. Bibliotheken. Even stilstaan, omdat het kan. Hoofdmassages. Picknicken. Veel lichtjes (in je ogen).
Wolken. Hoe de zee en haar golven altijd terugkeren. Lange autoritten als passagier. Kussens, heel veel kussens. Mensen met positieve vibes. Verliefd zijn. Dagen waarop je haar vanzelf goed ligt. Of wanneer iemand er zachtjes mee speelt. Puppy’s en schattige kattenfilmpjes. Sproetjes. Filosofische gesprekken in het midden van de nacht. Iemand die je helpt bij moeilijke beslissingen. Netflix marathons. Kampvuren en boomhutten. Handgeschreven brieven en het geluid van de wind in de bomen. Je favoriete sjaal. Gezellige koffiebars. Kaarslicht en sterren die je de weg naar huis tonen. Grote, open ramen. Nieuwe dingen leren. De zon op je huid voelen. Cinema’s in open lucht en films die je doen lachen en huilen tegelijkertijd. Nieuwe woorden ontdekken voor gevoelens waarvan je niet wist dat ze bestonden. De geluiden van de natuur. De zon die ’s ochtends je slaapkamer binnen schijnt.
Ik. Nu, dit.

Vind een stoel en trek je haast uit
hang haar traag over de leuning
naast je deadlines en gedoe
leeg je hoofd en leg de wereld
aan je voeten, laat maar liggen
kom je later wel aan toe
maak jezelf een poosje kwijt
neem een koffie
en DE tijd.
– Judith Nieken

Ik kan zoveel bedenken
wat anders kon en anders kan
zoveel wat nou als-jes
en als ik dat doe, wat zal dan
ik kan zoveel bedenken
dag in, dag uit en in de nacht
maar weet je wat, het loopt toch zelden
zoals ik het al die tijd
in mijn hoofd had uitgedacht
– Jip

Ik sta
even stil,
en dat is
een hele
vooruitgang.
– Bertolt Brecht

Ik trek mij terug en wacht.
Dit is de tijd die niet verloren gaat:
iedre minuut zet zich in toekomst om.
Ik ben een oceaan van wachten,
waterdun omhuld door ’t ogenblik.
Zuigend eb van het gemoed,
dat de minuten trekt en dat de vloed
diep in zijn duisternis bereidt.
Er is geen tijd. Of is er niets dan tijd?
– M. Vasalis

morgen zal het anders worden
vanaf morgen ga ik leven
vanaf morgen ga ik doelen stellen
vanaf dan ben ik gedreven
niemand zal mij tegenhouden
– met volle vaart vooruit –
niet meer stap voor stap
maar dwars door het geluid.
niemand leest mij nog de les
ik ga doen waar ik voor sta
morgen zal het anders worden
of misschien de dag erna.
– René Oskam