Shine, shine when the world is dark as night
Don’t be afraid to know you’re right
And when you just can’t shine no more
That’s what I’m here for
– Sarah Bettens
Shine, shine when the world is dark as night
Don’t be afraid to know you’re right
And when you just can’t shine no more
That’s what I’m here for
– Sarah Bettens
muziektekst Envoi van Absynthe Minded:
My verses stand gawping a bit
I never get used to this
They lived here long enough
Enough!
I send them out of the house
I don’t wanna wait
Until their toes are cold
Enough!
I wanna hear the humming of the sun
Or that of my heart,
Hardening
Enough!
They don’t screw classically
They babble commonly
And bluster nobly
Enough! Enough!
(Refrein)
In winter their lips leap
In spring they lie flat at the first warmth
They ruin my summer
And in autumn it’s girls and a broken heart
For another twelve lines on this sheet
I’ll hold my hand over their head
And then I’ll kick them out
Enough!
Go and pester elsewhere, one-cent rhymes
Find somebody who cares
Enough!
Go now on your high feet
This is where the graves laugh
When they see their guests
Enough!
One corpse on top of the other
Go now and stagger to her
Whom I do not know
Enough! Enough!
(Refrein)
//www.youtube.com/get_player
originele tekst van Hugo Claus:
Mijn verzen staan nog wat te gapen.
Ik word dit nooit gewoon. Zij hebben hier lang
genoeg gewoond.
Genoeg. Ik stuur ze ‘t huis uit, ik wil niet wachten
tot hun tenen koud zijn.
Ongehinderd door hun onhelder misbaar
wil ik het gegons van de zon horen
of dat van mijn hart, die verraderlijke spons die verhardt.
Mijn verzen neuken niet klassiek,
zij brabbelen ordinair of brallen al te nobel.
In de winter springen hun lippen,
in de lente liggen zij plat bij de eerste warmte,
zij verzieken mijn zomer
en in de herfst ruiken zij naar vrouwen.
Genoeg. Nog twaalf regels lang op dit blad
hou ik ze de hand boven het hoofd
en dan krijgen zij een schop in hun gat.
Ga elders drammen, rijmen van een cent,
elders beven voor twaalf lezers
en een snurkende recensent.
Ga nu, verzen, op jullie lichte voeten,
jullie hebben niet hard getrapt op de oude aarde
waar de graven lachen als zij hun gasten zien,
het ene lijk gestapeld op het andere.
Ga nu en wankel naar haar
die ik niet ken.
naar aanleiding van de 4 MIA’s die Absynthe Minded ontving dit weekend met dit prachtige nummer
mijn Hertenkoning
er zijn zelfs oneindig veel
takken met jouw naam op
om schommels van te maken
en jezelf hoger hoger
vlinderend licht
mijn buik in te wiegen
– Nana Ramael
Om me heen liggen de jongens met wie ik verder moet.
Of ik dat goed vind, is een tweede, want met mezelf
ben ik om te beginnen ook al niet tevreden, dus vraag
me niet hoe ik dan van een spiegelbeeld kan houden.
Waarschijnlijk zijn er hier geen lessen voor, of ze heten
eerste liefde, koude douche en vergissen is geen zonde.
Het leven leer ik wel bij monde van de vrienden die ik
niet op dit paar handen tel, maar overhoud na jaren,
zodat ik mij de pijn die ik nu heb maar beter kan besparen.
En dit gedicht wordt oud, geschreven toen ik geen zin
meer had in groeien, bijna dood was – de derde keer
die week, en weer eens keek naar wat ik na mijn dood
dan toch nog wilde, wat er nog mijn honger stilde of
me porde in mijn rug: geef je niet zo gauw gewonnen,
alles is nu pas begonnen, geef je je nu maar terug.
– Bart Moeyaert