Categorieën
gedichtendag liefde

Gedichtendag

Omdat het gedichtendag is en omdat ik den Herman graag zie/zag.

Middenin de vlakte van juli
kwam ik je tegen. Ik woon hier, zei je.
Ik keek naar de bloemen. Ja, dat zie ik,
zei ik, en waar leerde je de kunst
om niet lang te duren? Ook hier, zei je.
Je was lenig; en je woorden waren zo
doorschijnend, ik kon je er helemaal
door zien.
En daar lag ik al in het gras
en wat hield ik in mijn hand?
Een oortje, waarin ik het lange woord
‘lieveling’ uitgoot, zonder morsen

– Herman de Coninck
uit:  De lenige liefde

Categorieën
liefde

Als ik geen rood meer heb

Als ik geen rood meer heb
maak ik de bomen groen, de struiken,
het hele landschap wat ik schilder.

Dus ook het onkruid en het gras,

waarin je languit ligt te wachten roerloos
maar toch diep ontroerd, wanneer je later
het doek mag zien waar ik je rooie jurk

vervangen heb door zachte naaktheid,
waarvoor ik net als voor je glimlach
vooralsnog niet de kleur vond die je past.

Als ik geen rood meer heb,
heb ik nog altijd je lippen.

– Paul Snoeck
Categorieën
liefde liefdesverdriet
‘Ik hou van jou’, zei je tussen twee monden vol wafel.
Maar niet grappig; ook helemaal niet raar.
Een bal die je met al je ervaring van drie jaar
vriendelijk naar mij toe rolde over tafel.
Ik bloosde haast als de eerste keer.
Niet elke dag hoor ik dat zeggen, laat staan menen.
En als het toch gebeurt, heb ik geen antwoord meer.
Zoveel keer jouw leeftijd, ben ik tien keer
minder in staat te zeggen wat jij zei; niet in staat
zomaar voor iemands voeten de lading bakstenen
van een verklaring uit te storten. Als ik het toch probeer
blijft het in mijn keel steken, een visgraat.
Want wat men passie noemt, dat leer
je nog wel, komt vaak op omverrijden neer.
Niet bij mij: ik ben zo knap dat ik alles kan geven
en mijn hart houden. Kussen zijn kussen.
Een bed is een bed. Zielen hoeven daar niet tussen
te komen. Jij zegt: een bed? Is om te slapen. Moge
het zo ongestoord: dat je nooit met open ogen
iemand naast je haast niet huilen hoort.


– Herman De Coninck

Categorieën
liefde

Als

‘Als we ons nu eens vergissen,
wat denk je,
als we nu eens niet van elkaar houden
met een hartstocht die steeds feller en feller opvlamt,
maar elkaar verafschuwen zonder dat we dat weten,
als ware het de latente fase van een dodelijke kwaal?’

en nog vuriger kussen zij elkaar,
klemmen zich aan elkaar vast.

– Toon Tellegen

Categorieën
liefde

1944

Mijn moeder is mijn naam vergeten,
mijn kind weet nog niet hoe ik heet.
hoe moet ik mij geborgen weten?

noem mij, bevestig mijn bestaan,
laat mijn naam zijn als een keten.
noem mij, noem mij, spreek mij aan,
o, noem mij bij mijn diepste naam.

voor wie ik liefheb, wil ik heten.

– Neeltje Maria Min

Categorieën
liefde

Zo heel jij mij


Ik steel van je,
niet veel van je,
of zal ik zeggen
dat ik leen.
Je mist het niet.
Jij plukt de dag
daar waar jij ligt.
Je wijst de weg
met kruim.
Je maakt het huis
blij bij de deur,
omhelst haast
het adres.
Je veegt de aarde
uit ons bed,
zoekt mij
onder het laken,
ziet wie ik ben.
Voorspelt geluk,
baadt mij in rust.
Zo heel jij mij
al jaren,
geneest mij
door te zijn.
Jij spreekt de taal
die ik versta,
hoort de seizoenen
in mijn stem,
aan mijn adem
wat ik denk.
Jij kent de kunst
van nu en hier.
Vandaar dat ik je
leen, nee spaar,of beter nog: bewaar.

– Bart Moeyaert
speciaal voor jou, mijn liefste, mats
Categorieën
leven liefde

Wij twee

Wij zijn gelukkig.
Buren bonken op onze muren:
‘Wij ook! Wij zijn ook gelukkig!’
Voorbijgangers blijven staan,
drukken hun neus tegen ons raam,
roepen:
‘En wij dan… Vlak ons niet uit…!
Alsof wij niet gelukkig zijn!’
lopen peinzend verder,
vragen elkaar:
‘Wij zijn toch gelukkiger dan wie dan ook?
Dat is toch zo?’
Kinderen sluiten zich bij hen aan, dansend,
zingend
maar wij hierbinnen, weggezonken
in het schemerdonker,
wij twee,
wij zijn het gelukkigst.

– Toon Tellegen

Categorieën
liefde liefdesverdriet

In essentie

Een man ging op zijn tenen staan
en rekte zich uit,
rekte zich zo ver mogelijk uit,
rekte zich verder uit dan men menselijkerwijs
voor mogelijk houdt,
vroeg omstanders hem nóg verder uit te rekken –


en toen zij hem nóg verder hadden uitgerekt

en de zon onderging
en de wereld gloeide in een vuurrood licht,
toen rekte hij zich geheel alleen nóg iets verder uit –
hij kon al niets meer zeggen
en tenslotte ook niets meer denken –
en nog altijd rekte hij zich verder uit


om iemand te bereiken

die in essentie (zo noemde zij dat)
onbereikbaar was.


– Toon Tellegen

Categorieën
afscheid liefde liefdesverdriet

De muze

Als je uit een raam kunt leunen
rek je dan zo ver uit dat je zult vallen
of haar net, net zult kussen –

zij zal wachten,
haar hart zal bonzen,
zij zal zien hoe ver je reikt.

– Toon Tellegen

Categorieën
liefde

Liefde

Zij was er ineens
geheel onverwacht
en zij was de wereld
de dag en de nacht
de tafel de stoelen
het brood en het bed
mijn eerste mijn tweede
en laatste couplet
de lach die ze lacht
is al bijna een kus
ze past in m’n armen
het sluit als een bus
ik hou van je, hou van je
stamel ik zacht
– dat is de liefde
ze komt onverwacht
je kunt haar niet zoeken
niet vragen niet wenken
niet organiseren
en ook niet bedenken
ze is er ineens
geheel onverwacht
en zij is de wereld
de dag en de nacht

– Toon Hermans
Categorieën
liefde

Continentendrift

We dwarrelen en dwarrelen, eindigen
onder de platoenen. Weldra moet alles en iedereen
op een hoop geveegd, maar trek de plaid tot aan je kin,
streel de vacht, blijf voor één keer rustig. Geleidelijk
boetten we aan kracht in, werden we als het klimaat
onberekenbaar -we zijn de heetste herfstdag ooit.

Een stem heeft beterschap beloofd. We leerden onszelf
te knielen en rode thee door te slikken. Je goot het glas
over je arm leeg, in de hoop iets over te houden
voor later, iets om glimlachend aan te denken
op de rand van een tuinstoel: weet je nog, toen we
uitkeken over de smeulende tuin dat jij zomaar
je glas hete thee, god weet je nog, terwijl de ander
antwoordt: we hebben het voor elkaar
gedaan, ja toch. Stil maar.

Stuifmeel brengt je aan het niezen.
Seizoenen blijven zich
van seizoen vergissen.

Zo veel vlinders
sneeuwend in april,
zo veel rozenbottels straks.

– Peter Verhelst
Categorieën
liefde

Uitgesproken

praat met mij en doe dat
honderduit, vertel me zwijgend
waarover een leven gaat
hoeveel tederheid er nodig is
en adem gulzig tot het eind

spreek dit lichaam zonder
een spoor van schroom, spreek
het, spel het volledig uit
laat me duizelen breng me
in totale ademnood geef je

eindelijk helemaal bloot


Marc Tritsmans
winnaar Herman de Coninck prijs 2011
Categorieën
liefde

Nieuwe klinker

Ik schrijf je tot een nieuwe klinker die ruikt
naar jong gras, met een onbestemde kleur
maar prima op de kast staat, in een vaas of
tussen boeken. Je akoestiek klinkt prachtig naast

andere letters, nooit extreem zacht of kwaadaardig luid.
Jou gebruik ik het meest, mijn mond loopt van je over,
mijn pen drinkt gulzig je bloed. Je bent het ontbrekende
brokstuk in de taal, een robuuste tafel waar met servet
aan wordt gedineerd, met eerbied voor spelling.
Aan het einde van een zin vang ik je licht
in een woord, als een caleidoscoop draai ik je
alle kanten op. Ik wacht nog op dat ene gedicht.


– Maarten Inghels
Categorieën
liefde
Als ze zich herkenbaar aandient,
vertrouw ik haar niet.
Als ze zich vermomt, herken ik haar niet.
En wanneer ik haar eindelijk herken,
ben ik haar aanwezigheid al lang gewoon.
Liefde is een woord dat na de feiten komt.

– Nicky Aerts

Categorieën
liefde
Als je me aanraakt
met een vinger
staat mijn vel in brand.

Als je me aankijkt
met die blik, even te lang
verdrink ik in je ogen.

Als je mijn hand grijpt
ga ik mee en weet ik zeker
dat ik naar ’t einde van mijn wereld loop.

– Nelly Maes